Zakelijk gestopt, maatschappelijk niet

Richard Kraan werkte zijn hele loopbaan bij PwC en nam daar op 1 juli afscheid als partner. Per 1 augustus is hij voorzitter van Stichting Hapkracht. Zijn opdracht voor de komende vier jaar: van dertien naar veertig scholen, en zorgen dat de lunches overeind blijven als de bekostiging verandert. Een gesprek over het Rabobank-model dat hem inspireerde, over een stad die haar trots lang niet durfde uit te spreken, en over de rol die Hapkracht volgens hem moet pakken.

Verknocht aan Utrecht

Geboren in Hoograven, daar op de lagere school, middelbare school in de stad op het Gregorius en het Bonifatius College. Na zijn dienstplicht begon hij bij de rechtsvoorganger van PwC in wat hij zelf een combi werkstudie noemt: “Één dag in de week naar school en vier dagen in de week werken. Eén werkgever, een leven lang. “Ik heb vroeger de post bezorgd in Utrecht, maar voor de rest is het één werkgever geweest.”

Zijn maatschappelijke betrokkenheid was er niet ineens. “Voor mij is die langzaamaan gekomen.” Het kantelpunt kwam toen hij in de periode 2005 tot en met 2010 leiding had over het Utrechtse kantoor. Hij had daarbij een duidelijk voorbeeld voor ogen. “De Rabobank stond echt midden in de samenleving. Met de sport, met de jeugd, met allerlei maatschappelijke programma’s. En daar hadden ze ook budget voor.”

Zakelijk was dat goed te verdedigen. Klanten zitten in dezelfde regio, en gemeenschappelijkheid geeft een band. Bovendien helpt het bij het aantrekken van jong talent. Maar doorvragen levert een kortere, persoonlijke reden op. “Utrecht zit in mijn hart. Mij hoef je niet uit te leggen waar Utrecht voor staat.” En, voegt hij toe, je wordt er zelf ook gelukkig van. Hij is, in zijn eigen woorden, echt verknocht aan Utrecht.

.

Utrecht zit in mijn hart”

Trots op Utrecht

Want dat was precies wat er in zijn ogen schortte. “Utrecht was lange tijd, zeker voor de Tour, een stad die een beetje in zichzelf gekeerd was. Weinig exposure. Terwijl ik juist met die exposure bezig was. Dus de trots uitspreken voor die stad, dat ben ik vooral gaan doen.”

Toen het PwC-kantoor in 2007 verhuisde, greep hij dat moment aan om samen met CMS Derks Star Busman en de gemeente de vraag op tafel te leggen hoe Utrecht zichzelf beter op de kaart kon zetten. Daaruit kwam een onderzoek en een rapport met een titel die is blijven hangen: Utrecht zit op goud, maar moet het wel weten te verzilveren. De conclusie was scherp. De stad bezit enorme kwaliteiten, maar benut ze onvoldoende.

Die kwaliteiten zitten volgens hem allereerst in de manier van samenwerken. “De manier waarop wij partijen met elkaar weten te vinden. Dat heeft met schaalgrootte te maken, met cultuur, met elkaar helpen om je rol in te vullen.” Daar komt de economische positie bij: als motor van Nederland is Utrecht de meest verbindende economie met alle regio’s van het land. Plus de groei van de stad en het talent dat erop afkomt.

De Tour als vliegwiel

“Vanuit mijn rol binnen PwC werd ik betrokken bij allerlei maatschappelijke initiatieven in Utrecht.” Het begon met de ambitie om de Tour de France naar de stad te halen. PwC werd gevraagd als partner, en wat als sponsorschap begon groeide bij hem al snel uit tot een bestuurlijke rol. Na de Giro-finish in 2010 volgde in 2015 de Tourstart. Wat dat de stad opleverde, laat zich volgens hem niet in bezoekersaantallen vangen. “Vertrouwen. Het zelfvertrouwen, het durven uitspreken van de trots, het groot durven denken. Dat is echt beter geworden.”

Het een bracht het ander. Als voorzitter van Toerisme Utrecht speelde hij een sleutelrol in de fusie met de cultuurpromotie tot Utrecht Marketing. Hij werd mede-grondlegger van het Ondernemersfonds Utrecht, opgericht vanuit het idee dat ondernemers samen verantwoordelijkheid nemen voor wat ze samen nodig hebben. En bij FC Utrecht zat hij in het bestuur van de maatschappelijke tak. Wat als betrokkenheid vanuit het kantoor begon, werd zo een tweede loopbaan in de stad.

Overal koos hij dezelfde rol, die van challenging partner die vraagt wat er nog meer mogelijk is. Hoe het anders kan om aanwezig potentieel te benutten. “Heb je hier aan gedacht, heb je daar aan gedacht. Welke bijdrage kunnen we vanuit het netwerk leveren?” Al die jaren deed hij dat naast zijn werk. Sinds 1 juli niet meer. “Ik ben zakelijk gestopt bij PwC. Maatschappelijk gezien niet.”

8.000 kinderen

In januari 2024 sprak burgemeester Sharon Dijksma haar nieuwjaarstoespraak uit. In Utrecht groeien 8.000 kinderen in armoede op, zei ze. En de wijk waarin je wieg staat maakt wel degelijk uit voor de kansen die je krijgt. “Ik vind dat niet te verkroppen.”

Die woorden bleven hangen bij de Utrecht Development Board, waar Richard lid van is. Daar ontstond Hapkracht.

Hapkracht helpt een deel van dat vraagstuk op te lossen door zich in te zetten voor gezond eten en dagelijks bewegen voor kinderen in de Utrechtse aandachtswijken, voor wie dat nu niet vanzelfsprekend is. Bij de oprichting vorig jaar was al afgesproken dat mede-oprichter Trude Maas het eerste jaar voorzitter zou zijn en dat Richard het stokje zou overnemen zodra hij bij PwC zou stoppen. Dat is nu gebeurd. “Trude blijft betrokken in het bestuur en richt zich vooral op de lobby.”

Hij had ook kunnen kiezen voor een rustiger invulling van zijn tijd, en golfen en fietsen gaat hij ook zeker doen, maar deze opgave trok juist omdat hij ingewikkeld is. “Ik ben wel iemand die complexe dingen wil oppakken. Om misschien het onmogelijke toch mogelijk te maken.”

Alles tegelijk, niet los van elkaar

Het onmogelijke zit hem in de versnippering. “Als je kijkt naar welke interventies er nu gepleegd worden, dan is dat heel erg vanuit een bepaalde expertise. Vanuit gezondheid, armoede of onderwijs.” Terwijl het volgens hem over alle drie tegelijk gaat: onderwijs, armoede en gezondheid. Scholen hebben er zelf belang bij, omdat een goede lunch de schoolprestaties positief beïnvloedt. Gezinnen hebben vaak de middelen niet om een structurele lunch te regelen, dus is het ook armoede. En de kinderen krijgen nu onvoldoende gezonde voeding binnen en bewegen te weinig.

Juist daar krijgt hij energie van. “Op het eerste gezicht lijkt het onmogelijk om al die partijen bij elkaar te brengen. Maar dan word ik enthousiast, want we willen allemaal wel hetzelfde, namelijk dat onze kinderen gezond opgroeien.”

Hapkracht als regisseur

Over de rol van Hapkracht is hij helder. “Hapkracht is de regisseur om partijen bij elkaar te brengen en de discussie op de juiste manier te voeren. Dus kansgelijkheid/armoede, gezondheid en onderwijs samen. Hier zit de kracht en het begin van een oplossing. Hapkracht zal dit blijven aanmoedigen en de samenwerking helpen te realiseren”

Zijn eigen accent als voorzitter is het integrale denken. Geen extra taak voor de scholen, maar een argument. “Gezonde kinderen leren ook gewoon beter.”

Veertig scholen

Daaronder ligt een concreet vraagstuk: wie betaalt de lunch? Op dit moment vraagt elke school die ervoor in aanmerking komt zelf een bijdrage aan bij het Jeugdeducatiefonds, aangevuld met geld van de gemeente. De school regelt het dus zelf, en telkens opnieuw.

“Die financiering gaat vanuit de Rijksoverheid veranderen.” Waarschijnlijk in 2028 gaat het geld niet meer naar de school, maar naar het schoolbestuur waar die school onder valt, via een lump-sumregeling. Besturen krijgen daarmee meer zeggenschap over de besteding, maar ook meer verantwoordelijkheid. “Daar zullen we op moeten anticiperen, door in gesprek te gaan met die besturen over hoe we zorgen dat er voor die veertig scholen een structurele financiering komt.” Inclusief het bewegen, benadrukt hij. “Want als je het hebt over gezondheid, dan is het niet alleen het eten.”

Over vier jaar, aan het einde van zijn bestuurstermijn, moet dat staan. Van de huidige twaalf tot dertien scholen naar veertig. “Ik durf wel te zeggen dat we over vier jaar die veertig scholen hebben.” Dat lukt alleen publiek-privaat. “De gemeente lost het niet alleen op, het bedrijfsleven niet, het onderwijs niet. Je moet het met elkaar doen.”

Bijna twintig jaar geleden schreef hij mee aan de conclusie dat Utrecht op goud zit maar het niet weet te verzilveren. Dat goud is de manier waarop deze stad partijen bij elkaar krijgt. Het bewijs zien we straks terug op veertig scholen.

“Als we dit met elkaar voor die 8.000 kinderen weten te regelen, dan laten we als stad zien wat samenwerken oplevert.Daar mogen we straks trots op zijn.”

 

Contact

Wil je met iemand praten over de mogelijkheden van Hapkracht?

Manieren om Hapkracht te steunen

Gerelateerd nieuws

Stem op Hapkracht

Bij Rabo ClubSupport heb je drie stemmen. Eén is genoeg voor je eigen club. Geef je tweede aan Hapkracht en steun daarmee 8.000 Utrechtse kinderen. Stemmen kan tot en met 29 september.

De school als oefenplek voor het leven

Anass Chaoui, directeur van islamitische basisschool Al Amana in Overvecht, ziet de gezonde lunch en het bewegen als veel meer dan voeding. Aan het buffet leren kinderen kiezen, opruimen en verantwoordelijkheid nemen, terwijl ze gevarieerder eten dan thuis. Samen met ouders en de wijk werkt hij aan een school waar

Niet alleen de Messi’s, maar élk kind in beweging

Patrick van der Zalm van SportUtrecht brengt met het schoolvoetbal bijna 6.500 kinderen in beweging, maar zijn grootste voldoening zit bij de kinderen die de sportclub níet vanzelf vinden. Samen met partners als DOCK en Jongerenwerk Utrecht (JOU) werkt hij in de wijk aan deze opgave.

Preventie begint bij sport en bewegen op school en in de wijk

Hapkracht steunt de preventieambitie van het coalitieakkoord "Voor uuu", maar waarschuwt voor de forse bezuiniging op SportUtrecht. De buurtsportcoaches maken bewegen op school en in de wijk mogelijk, juist waar de gezondheidsverschillen het grootst zijn. Bezuinigen op dat fundament ondergraaft de preventieambitie zelf. De oproep: bescherm wat al bewezen werkt.

De vleugels van Utrecht hebben voeten nodig

Cor Jansen, directeur-bestuurder van Utrecht & Partners en onderwijskundige van huis uit, ziet de gezonde stad als een opgave van heel Utrecht, niet van het onderwijs alleen. In dit gesprek vertelt hij over het DNA van de stad, over de school als ontmoetingsplek waar kansen ontstaan, en over hoe je

Een sociale revolutie in de wijk

Jeroen Paul Nijmeijer, directeur van het Samenwerkingsverband Kansengelijkheid en Burgerschapsonderwijs (SKB), ziet kansengelijkheid als een opgave van de hele wijk, niet van de school alleen. In dit gesprek vertelt hij over de school als ankerpunt in de wijk en over structurele financiering die de beweging in de wijk versterkt.
Hapkracht-vriend

Elke hulp is welkom, word een vriend!

Wil jij het Hapkracht initiatief steunen? Doneer en maak onze missie mede mogelijk. Samen zorgen we ervoor dat elk kind dezelfde kansen krijgt om gezond op te groeien in Utrecht.

Geef kinderen de kracht die ze verdienen. Word vandaag nog Hapkracht-vriend.