Niet alleen de Messi’s, maar élk kind in beweging

Maandenlang stonden de Utrechtse sportvelden op woensdagmiddag vol. Half juni viel het laatste fluitsignaal van het Utrechtse schoolvoetbal, waar bijna 6.500 kinderen aan meededen. Een groot evenement, en voor Patrick van der Zalm van SportUtrecht toch maar het topje van de ijsberg. Want bewegen draait voor hem om veel meer dan één toernooi of één club. Hij houdt zich het hele jaar bezig met één opgave: kinderen in de wijk aan het bewegen krijgen, en houden. En dat lukt alleen als je oog hebt voor de hele omgeving van een kind: de school, het plein en de wijk. Als projectleider schoolvoetbal, buurtsportcoach én procesbegeleider van het Utrechts Beweegprogramma doet Patrick dat vanuit drie rollen tegelijk. “Geen week en geen dag is voor mij hetzelfde.”

Het mooiste mogen kinderen zelf kiezen

De cijfers zijn indrukwekkend: 100 scholen, 623 teams, 27 toernooien door de hele stad, een paar meer dan het jaar ervoor. Toch zit het bijzondere voor Patrick niet in de aantallen, maar in iets kleiners. Op het schoolplein of op een andere plek in de wijk komen kinderen vaak niet uit zichzelf. “Die worden er vaak naartoe gestuurd, door hun professional of door hun ouders. Maar schoolvoetbal mogen ze echt zelf opgeven. Dat vinden ze allemaal leuk om te doen.” En dat zie je terug op de dag zelf: alleen maar kinderen die er plezier in hebben.

Hapkracht was dit jaar voor het eerst supporter van het Schoolvoetbaltoernooi. Elke speler kreeg een kaartje met de tekst ‘Goed gespeeld’, om te geven aan een teamgenoot die de mooiste pass speelde of altijd vrolijk bleef. Het idee bleef niet onopgemerkt: een voetbalvereniging gaf aan de complimentenkaartjes ook bij de eigen jeugd te willen gebruiken. Het winnende fairplay-team kreeg er een Hapkracht-voetbal bij, om door te spelen op het schoolplein.

Fairplay loopt als een rode draad door de schoolvoetbaltoernooien in Utrecht. Scholen krijgen vooraf een bingokaart met een fairplay-opdracht en de folder van code 030, de gedragscode die SportUtrecht een jaar eerder lanceerde en die inmiddels bij alle voetbalclubs in de stad aan de muur hangt. Het stedelijk toernooi om de finales bestaat nog, maar werd kleiner. Het zwaartepunt ligt in de wijk, waar het vooral om plezier draait.

Toch ligt zijn grootste voldoening niet in de omvang van het evenement. “Heel veel mensen krijgen energie van een schoolvoetbal met bijna 6.500 kinderen. Maar ik krijg uiteindelijk nog meer energie als ik misschien zes kinderen laat bewegen die door alle drempels en negatieve ervaringen de sportclub niet weten te vinden.” Niet het grote evenement, maar die paar kinderen in de wijk, daar gaat het hem om.

.

“Als een kind in de pauze van stilstaan naar bewegen gaat, win je zo een half uur per dag”

De schakel tussen onderwijs en sport

Naast het schoolvoetbal is Patrick buurtsportcoach, “de schakel tussen onderwijs en sport”. Hij werkt in Leidsche Rijn en Vleuten-De Meern, qua inwoners bijna een halve stad op zich en nog altijd groeiend. Met vier buurtsportcoaches, de jeugdwerkers van DOCK en de jongerenwerkers van Jongerenwerk Utrecht (JOU) werken zij nauw samen met onderwijspartners om de jeugd te bereiken, én te ondersteunen bij het ontdekken en ontwikkelen van hun talenten.

Als buurtsportcoach bedient hij scholen, gekozen op basis van de jaarlijkse schoolweging: scholen waar relatief weinig kinderen sporten. Het werk begint met luisteren. Een nulmeting brengt in kaart hoe kinderen naar school komen, of ze al sporten en wat ze zouden willen. Op basis daarvan maakt hij samen met de school een plan: een inloopuur voor ouders met vragen over clubs of subsidies, of tussen- en naschools aanbod zoals streetsports en een sportmix, waar kinderen vrijblijvend kennismaken met steeds andere sporten. Het doel is steeds hetzelfde: kinderen naar een vaste plek in de wijk brengen.

“Wij zijn niet het eindstation,” zegt hij. Daarbij kijkt hij verder dan de grote, makkelijk vindbare clubs. Juist de kleine aanbieders zoeken leden en zijn lastiger te vinden, van een lokale vechtsport tot frisbeeclub, die hij regelmatig een clinic laat geven. Een sportclubadviseur houdt bij welke sportclubs (verenigingen en anders georganiseerde sportaanbieders) plek hebben en welke een wachtlijst, zodat hij gericht kan doorverwijzen.

En lukt die stap niet, dan vallen kinderen niet buiten de boot. “Dan kunnen ze gewoon bij ons blijven meekomen.” Sommige kinderen blijven van groep 5 tot en met 8 meedraaien, drie of vier jaar lang, terwijl Patrick samen met de ouders aan de drempels werkt. “Wij hopen in een jaar of twee, drie, vier wel te bereiken dat we die drempels kunnen wegnemen.”

De winst zit op het schoolplein

Met het Utrechts Beweegprogramma helpt SportUtrecht scholen om meer beweging in de schooldag te krijgen, met als doel dat ieder kind minimaal een uur per dag beweegt. De pauze is daarbij de grootste kans. “Als een kind in dat drie kwartier buiten van stilstaan naar bewegen gaat, win je zo een half uur per dag.”

Patrick komt er als procesbegeleider, niet als sportcoach. En dat is een wezenlijk verschil. “Je begint altijd met heel veel energie. Maar uiteindelijk ben ik een procesbegeleider. Ik ga het team opleiden en begeleiden, en zij moeten het zelf uitvoeren.” Binnen een jaar moet het zonder hem doorlopen, en dat valt of staat met draagvlak. “Op het moment dat er te weinig draagvlak voor is, merk je dat zodra ik een stap terugneem, het bewegen ook minder wordt.” Daarom start hij met een beweegteam, niet alleen de vakdocent maar ook een leerkracht uit de onder-, midden- en bovenbouw. Een nulmeting en een eindmeting laten zien hoe het team ervoor staat, en na een jaar komt hij terug om te checken of het beklijft.

Op het plein ziet hij vaak hetzelfde. “Vaak wordt er alleen maar gekeken naar de Messi’s en Ronaldo’s, de druktemakers bij het voetbal. Terwijl er ook heel veel kinderen zijn die niet per se tegen elkaar willen sporten, maar wel graag willen bewegen, in hun eentje touwtjespringen of op stelten lopen. Alleen wordt daar weinig naar omgekeken.” Dat is geen onwil. Bij tientallen kinderen tegelijk op het plein lopen er maar een handvol leerkrachten rond, op het drukste moment van de dag.

Daarom kiest hij liever voor kleine partijtjes dan voor tien tegen tien. “Vijf tegen vijf, en snel doordraaien. Meer beweegmomenten, meer balcontacten, meer succesbelevingen. In plaats van tien tegen tien en dan maar één keer de bal aanraken.” Ieder kind een eigen plekje op het plein. Het levert rust op, minder conflicten en kinderen die daarna beter geconcentreerd in de les zitten. En hij doet het mét de school, niet ervoor, zodat het blijft draaien als hij weg is.

Samen met Hapkracht

Zo komt de cirkel met Hapkracht rond. Met het schoolvoetbal brengt Patrick duizenden kinderen in beweging, met het Beweegprogramma bereikt hij élk kind op het plein, en als buurtsportcoach helpt hij juist wie de drempel het hoogst vindt. Precies waar Hapkracht voor gaat: dagelijks bewegen en gezond eten voor kinderen voor wie dat niet vanzelfsprekend is. SportUtrecht is daarbij vanaf het begin partner. Dezelfde wijken, dezelfde kinderen, hetzelfde idee

Contact

Wil je met iemand praten over de mogelijkheden van Hapkracht?

Manieren om Hapkracht te steunen

Gerelateerd nieuws

De school als oefenplek voor het leven

Anass Chaoui, directeur van islamitische basisschool Al Amana in Overvecht, ziet de gezonde lunch en het bewegen als veel meer dan voeding. Aan het buffet leren kinderen kiezen, opruimen en verantwoordelijkheid nemen, terwijl ze gevarieerder eten dan thuis. Samen met ouders en de wijk werkt hij aan een school waar

Preventie begint bij sport en bewegen op school en in de wijk

Hapkracht steunt de preventieambitie van het coalitieakkoord "Voor uuu", maar waarschuwt voor de forse bezuiniging op SportUtrecht. De buurtsportcoaches maken bewegen op school en in de wijk mogelijk, juist waar de gezondheidsverschillen het grootst zijn. Bezuinigen op dat fundament ondergraaft de preventieambitie zelf. De oproep: bescherm wat al bewezen werkt.

De vleugels van Utrecht hebben voeten nodig

Cor Jansen, directeur-bestuurder van Utrecht & Partners en onderwijskundige van huis uit, ziet de gezonde stad als een opgave van heel Utrecht, niet van het onderwijs alleen. In dit gesprek vertelt hij over het DNA van de stad, over de school als ontmoetingsplek waar kansen ontstaan, en over hoe je

Een sociale revolutie in de wijk

Jeroen Paul Nijmeijer, directeur van het Samenwerkingsverband Kansengelijkheid en Burgerschapsonderwijs (SKB), ziet kansengelijkheid als een opgave van de hele wijk, niet van de school alleen. In dit gesprek vertelt hij over de school als ankerpunt in de wijk en over structurele financiering die de beweging in de wijk versterkt.
Trude Maas

Gezond leven, de motor voor leren

Na een jaar Hapkracht ziet voorzitter Trude Maas dat gezond eten en bewegen scholen juist kunnen helpen, omdat kinderen beter leren als ze goed eten en bewegen. De aanpak verschoof van commerciële bezorging naar opbouw vanuit de wijk zelf. Komend jaar moet het programma echt gaan vliegen, publiek-privaat en bouwend

Natuur als verbindingskracht

Rob Nillezen, directeur van Utrecht Natuurlijk, ziet zijn organisatie in de eerste plaats als welzijnswerk: mensen samenbrengen via natuur en duurzaamheid. In dit gesprek vertelt hij over herstel in de tuin, de groenmakelaar als nieuwe figuur in de wijk, en over voedseleducatie als volwaardig onderdeel van het onderwijs.
Hapkracht-vriend

Elke hulp is welkom, word een vriend!

Wil jij het Hapkracht initiatief steunen? Doneer en maak onze missie mede mogelijk. Samen zorgen we ervoor dat elk kind dezelfde kansen krijgt om gezond op te groeien in Utrecht.

Geef kinderen de kracht die ze verdienen. Word vandaag nog Hapkracht-vriend.